Als je geeft om die ene...

Missionair preken, wat is dat eigenlijk? Ds. Niels de Jong (Noorderlicht, Rotterdam-Centrum) schreef er een artikel over. 'Als je probeert zoekers, twijfelaars en sceptici te bereiken, dan is dat in zichzelf al evangelieverkondiging.'

Omdat je geeft om die ene (Luc 15:4), daarom wil je 'missionair preken'. Daarna rijst de vraag wat dat 'missionair preken' wel/niet is, maar hier begint het mee: dat je je gezonden weet om in de verkondiging achter die ene aan te gaan. Dat je hart hebt voor die ene die (ver)dwaalt in het leven en die God kwijt is, of zelfs nooit bij God thuis is geweest. Als prediker zoek je het hart en het hoofd van die ene te raken, om te vertellen over de God die hem/haar mist. Omdat je zo bewogen bent om die ene – een bewogenheid die in het niet valt bij de bewogenheid van God – preek je missionair. Als je niet op zoek gaat naar die ene, maar liever veilig blijft bij de 99, om hen te pleasen, ben je geen herder die lijkt op de God van Jezus Christus. Natuurlijk draag je ook zorg voor de 99, daar gaat die gelijkenis in Lucas 15 niet over. Maar je gaat er ook op uit om die ene te bereiken – en daar gaat dat bijbelgedeelte wél over. En met dat je als prediker moeite doet om die ene te zoeken, zou je wel eens heel veel vragen en verlangens van die andere 99 kunnen adresseren. Op die manier kun je helpen voorkomen dat zij verdwalen in het leven en los van God te raken.

Wat is het (niet)?
Maar goed, de uitdrukking 'missionair preken' is gevallen en dat is op de keper beschouwd een vreemde manier van spreken. Het is als met 'bijbels preken'. Ergens mag je hopen dat iedere prediker (m/v) 'bijbels' preekt, maar aan de andere kant is het nog niet zo makkelijk om nu precies te bepalen wat een bijbelse preek is en wat niet (meer). Zo is het ook met missionair preken. Je mag hopen dat iedere prediker ook missionair preekt, maar het is lastig om een definitie te geven van wat het precies is. Toch zegt zo'n toevoeging wel iets en kan het iets belangrijks voor het voetlicht brengen. Bijvoorbeeld als je het gevoel hebt dat in preken de Bijbel alleen maar als een kapstok wordt gebruikt om eigen ideeën te ventileren of als de prediker een wel heel dunne canon lijkt te hebben, kan het goed zijn om aandacht te vragen voor wat bijbels preken nu is. Zo lijkt het me tevens goed om hier te bespreken wat de waarde is van de toevoeging 'missionair' aan het aloude werk van preken.

Nu ben ik geen historicus, maar ik ben er vrij zeker van dat deze toevoeging tamelijk recent in de mond is genomen. Stefan Paas zegt hierover: 'Missionair preken is geen modeverschijnsel of een provinciale vinding. Op de juiste wijze verstaan, maakt het woord 'missionair' als geen ander woord duidelijk wat christelijke prediking in onze tijd is.' Echter, de toevoeging 'missionair' wordt niet altijd op de juiste wijze verstaan en ook niet door iedereen hetzelfde verstaan. Daarom wil ik beginnen te zeggen wat 'missionair preken' mijns inziens niet is.

Missionair preken is niet een manier van preken waarbij je het evangelie eenzijdig belicht, waar je het evangelie simplificeert of waarbij je elke keer weer een appel doet om 'je leven aan Jezus Christus te geven'. Missionair preken is ook niet alleen iets voor missionaire projecten of evangelisatiesamenkomsten. Het is ook geen stijl waarin predikers hip, populair en lollig doen. Missionair preken heeft ook niets van doen met oppervlakkigheid en is evenmin voorbehouden aan bepaalde (evangelicale) kerkelijke stromingen.

Wat is het dan wel? Stefan Paas stelt in het hierboven al geciteerde artikel over 'missionair preken': 'Het bijvoeglijk naamwoord 'missionair' betekent: iets wat is gerelateerd aan of wordt gekarakteriseerd door 'missie'.' God heeft een missie in deze wereld en de kerk speelt daarin een zeer belangrijke rol. Die kerk is het evangelie toevertrouwd en dat evangelie bewaart ze binnen - met de deur open - en brengt ze naar buiten. En de preek in die kerk is dienstbaar aan die missie door mensen in te wijden in het geloof in Jezus Christus en hen te bemoedigen verder te gaan in het spoor van Jezus Christus.

Resonantie
Ten aanzien van dit laatste maakt Tomás Hálik een aantal waardevolle opmerkingen in zijn boek 'De nacht van de biechtvader'. Hij constateert een teruglopende bereidheid om bij een christelijke kerk te horen, maar ziet ook een tegengestelde tendens: 'Toch zijn er bij ons niet weinigen die de laatste jaren terugkeren naar religie, het christendom, de kerk.' Waarom? 'Omdat ze ergens een opening vonden waardoor ze de wereld van geloof binnen konden komen, op een manier die hun menselijk en eerlijk leek, intellectueel eerzaam en tenminste enigszins verstaanbaar' (p. 178). Ik denk dat deze tweeërlei beweging – van geloof en kerk af en naar geloof en kerk toe – eveneens in Nederland te zien is. Mijn overtuiging is dat de preek mensen kan helpen om 'de wereld van geloof binnen te komen'. Verstaanbaarheid is daarin belangrijk. Hálik zegt daarover: 'Deze verstaanbaarheid bestaat niet in een vorm van primitiviteit en simplificatie, maar daarin dat iemand met hen over geloof praat op een manier die resoneert met hun eigen ervaringen. In zo'n verkondiging van het geloof vinden ze meestal niets verrassend 'nieuws', maar ze hebben het gevoel dat precies dat wat ze al lange tijd voelden, door iemand uitgesproken wordt.' (p. 178-179). Dit is in de prediking vandaag de dag broodnodig – ook in wat we hier ‘missionaire prediking’ noemen. Als je in de preek de bijbelse boodschap kunt verbinden aan wat mensen voelen, ervaren, verlangen en hopen. dan resoneert dat bij mensen 'in hun existentie'. Dat is wat je als prediker te doen staat en dan wordt je preek verstaan. Natuurlijk is het een werk van de Geest dat mensen daadwerkelijk 'de wereld van het geloof binnen komen' en ook in die wereld van geloof blijven. En die Geest is vrij om ook preken te gebruiken die niet zo missionair (bedoeld) zijn. Maar het is de verantwoordelijkheid van de prediker om het de Geest ook weer niet onnodig moeilijk maken om mensen in te winnen….

Zoekers en toegewijde gelovigen
Dat je met verstaanbare preken de niet-gelovige man of vrouw probeert te bereiken, hoeft overigens niet ten koste te gaan van de gelovige luisteraar en/of volwassen gelovige. Ik weet dat ik ruim een decennium geleden bij Tim Keller las dat het mogelijk was om in een en dezelfde preek gelovigen en ongelovigen aan te spreken. Dit las ik in een tijd dat het in missionaire kringen juist gebruikelijk was geworden om te proberen in twee verschillende diensten mensen te bedienen. Het idee daarachter was dat de missionaire dienst toegankelijk was voor zoekende zielen en de andere dienst inhoud en diepgang bood voor meer toegewijde gelovigen. Keller pleitte echter voor een dienst waarin beide groepen werden aangesproken. Hij beriep zich daarbij op Paulus, die ervoor pleit dat in 'gewone' bijeenkomsten rekening wordt gehouden met nieuwkomers en gasten. Achter de stelling van Keller zat vooral het idee dat hetzelfde evangelie zowel de weg is om tot geloof te komen als dat het de weg is om in geloof te groeien.
Mijn eigen ervaring op dit punt is dat het inderdaad goed mogelijk is wat Keller stelde. Met een en dezelfde preek kun je mensen in heel uiteenlopende geloofsstadia bereiken. Je zou het ook onderscheidend preken kunnen noemen. Ik maak dat op uit het feit dat er in de gemeente die ik mag dienen meer en meer mensen uit beide groepen komen. Er zitten mensen die al sinds jaar en dag christen zijn en daarnaast zitten er allerlei 'ongedoopten' en mensen die jaren 'weg' zijn geweest. Hoe verschillend deze mensen ook zijn wat betreft geloofsachtergrond en ten aanzien van kennis van het christelijk geloof – ze vinden hun plek in een en dezelfde eredienst. Nog afgezien van het gelijk van Keller: je preek knapt er ook van op. Anders kan het zomaar ook eenzijdig, saai en voorspelbaar worden. Als je je op beide groepen richt, wordt het alleen maar scherper en eerlijker, veelzijdiger en verrassender. Het gaat er, zo vermoed ik, ook meer om spannen in de preek.


Onvanzelfsprekend
Gelovigen en ongelovigen, in alle denkbare gradaties, zitten in het Nederland van de 21e eeuw niet alleen in stadsgemeenten, pioniersplekken of in evangelisatiebijeenkomsten. Ze zitten in iedere context. Er is geen prediker in Nederland die alleen maar mensen voor zich heeft voor wie het vanzelfsprekend is om te geloven. Vanzelfsprekend geloven, dat is er voor zowel ongelovigen als gelovigen niet bij in de wereld van vandaag. En daarom, als je die niet-gelovige mens aanspreekt, zul je ook heel dicht bij gelovigen komen. Zij hebben allemaal dat ene Woord nodig. Daarbij loop je als prediker in Nederland bijna elke reguliere kerkdienst de kans dat er ten minste één iemand zit die (relatief) nieuw staat ten aanzien van geloof. En dat geldt natuurlijk helemaal voor trouwdiensten, rouwdiensten, kerstdiensten, doopdiensten, etc. Via vriendschappen, familiebanden, relatievorming of gewoon uit belangstelling kunnen er zo maar mensen zijn die eerder niet in een kerkdienst zaten. Die ene kan er zomaar (weer) zijn...

De poging is in zichzelf evangelie
Hoe kom je tot een geslaagde missionaire preek? Ik beperk me hier tot vier punten.
1. Het gaat bij missionair preken om wat je beoogt; misschien nog wel méér dan om wat je precies zegt. Als je probeert zoekers, twijfelaars en sceptici te bereiken, dan is dat in zichzelf al evangelieverkondiging. Want in die hartstochtelijke poging kan de hoorder voelen dat hij gezocht wordt. In het gunnende hart van de prediker ziet hij dan iets van het hart van God. Daarin kan hij merken dat de God van de Bijbel zijn uiterste best doet om mensen die hij kwijt is te bereiken. Hopelijk raakt het de zoeker dat het Woord hem/haar zoekt te vinden.


Vormen en gebruiken
2. Wat de prediker zegt wordt uitgesproken in een gebouw, vanaf een bepaalde plek, in een liturgie, te midden van bepaalde gebruiken en in een geloofsgemeenschap. En die dingen doen er toe. Om maar wat voorbeelden te gebruiken. Een kille ruimte maakt een warme preek toch moeilijker. Een verre kansel maakt het lastiger om de preek dichtbij te krijgen. Een gezapige sfeer maakt het moeilijk de radicaliteit van het evangelie te begrijpen. Slordigheid draagt niet bij aan het besef dat het in de preek om iets heel belangrijks gaat. Een onverstaanbare liturgie helpt niet om de preek te begrijpen. Een instrument dat uit de tijd raakt, wekt niet de indruk dat de verkondiging voor mensen van vandaag bestemd is. Gebruiken en gewoonten die op onbegrip stuiten, verhogen de bereidwilligheid niet om een boodschap aan te nemen. Stemmigheid en stijfheid helpen niet om mensen op hun gemak te voelen. Het gebruiken van jargon (klassiek gereformeerd of juist evangelisch) vervreemdt mensen van de boodschap. Om nog maar te zwijgen over een afstandelijke geloofsgemeenschap of een veroordelende leiding – dat soort dingen maken het bijkans onmogelijk dat de preek van genade nog gaat landen. De voorbeelden zouden nog uitgebreid kunnen worden, maar het punt is wel duidelijk. Deze dingen doen er toe in de communicatie van het evangelie. Om dit af te doen met 'zo zijn nu eenmaal onze manieren', lijkt me niet getuigen van hart om die ene.


Woorden die raken
3. De woorden van de preek doen er evengoed toe. Daarmee kun je de zoekende luisteraars raken en kun je over hun hoofden heen en – erger nog – voorbij de harten preken. Om de goede woorden te vinden, is het belangrijk dat je als prediker weet wie die mens is, die je probeert te bereiken. Natuurlijk is het handig dat je wat weet over het huidige tijdsgewricht, de veranderende cultuur en de actualiteit. Maar veel belangrijker is dat je van hart tot hart spreekt met gelovigen en ongelovigen, atheïsten en agnosten, apatheïsten en sceptici, zoekers en afhakers. Zodat je hoort wat er leeft in mensen, waar mensen mee bezig zijn, wat hen bezig houdt, waar ze op hopen en waar ze naar verlangen, waar ze het van verwachten. Zodat je hoort wat hen blij maakt of juist verdriet doet, wat hen angstig maakt of juist vertrouwen geeft, waar mensen tegenaan lopen en mee te maken hebben. Zodat je hoort wat hen belast, wat hun zonden en afgoden zijn. Zodat je hoort wat hun twijfels, vragen en bezwaren zijn ten aanzien van Bijbel en geloof. Dit vereist niet alleen goede pastorale en missionaire contacten als professional, maar ook dat je als mens tussen de mensen van vandaag leeft. Dit gaat je preken enorm helpen om ze van betekenis te laten zijn voor mensen die je wilt bereiken.


Verrassend
4. Maar wat ga je ze dan zeggen? Uiteindelijk het verrassend goede nieuws van Jezus Christus. Daarvoor neem je ze mee in het Woord van God en maak je mensen duidelijk dat het daarin over hen gaat. Dat doe je niet door een lading informatie over mensen uit te strooien onder het mom van diepgang en kennis. Dat doe je door de bijbelse boodschap te verbinden aan het hart van de hoorder. Daar heb je inderdaad informatie en kennis voor nodig, maar nog wel meer dan dat! In je preek maak je mensen verder duidelijk dat het evangelie werkelijk goed nieuws is voor mensen van vandaag. Mensen verwachten dat vaak niet. Om Tomás Hálik nog eens aan te halen: 'Het nieuwe (…) is dat ze aangesproken worden vanuit een kerkelijke hoek, waarvan ze gewend waren om die als een 'verloren zaak' te beschouwen' (pag. 179). Dat evangelie gaat – verrassend genoeg! – in op al die dingen die in het hart van de hoorder leven. En als voorganger ben je – als het goed is – zo vol van die rijkdom van het evangelie dat je niet moe wordt om dat nieuws in al zijn rijkdom aan de man te brengen. Je zoekt voortdurend nieuwe woorden die zowel recht doen aan het evangelie als recht doen aan de mensen voor zich. Platgetreden paden, overbekende riedeltjes en meer van hetzelfde – dat verveelt trouwe gelovigen en stoot zoekers al snel af. Maar het verrassende evangelie – hoewel het vaak ook zo gek, vreemd, dwaas en aanstootgevend klinkt – gaat precies over wat een mens nodig heeft. Dit geldt niet alleen voor de kern van de prediking, het evangelie van de gekruisigde en opgestane Jezus Christus, maar het geldt voor iedere bijbeltekst waarover je preekt. Het is voor mensen van vandaag en verrassend genoeg geeft dat richting, zin, betekenis, kaders, hoop, praktische wijsheid en nog veel meer. De missionaire preek laat dat keer op keer zien. Het Woord gaat het leven van de mensen binnen. En daar kan dan van alles gebeuren.

Afhankelijk
Wat er vervolgens precies gebeurt, laten we aan de Geest over. Als missionaire prediker zal je veel bidden 'om betoon van Geest en kracht', want je beseft dat de verkondiging geen trucje van jou is, maar dat je afhankelijk bent van God en diens werking. Maar je weet ook dat het geloof uit het gehoor is en daarom heb je er veel vertrouwen in. Je doet met overgave wat je kunt. Omdat je geeft om die mensen die voor je zitten en omdat je hart evenzeer uitgaat naar degenen die nog niet voor je zitten.

Niels de Jong

september 2017 www.noorderlichtrotterdam.nl
noorderlicht.niels@gmail.com

Dit artikel is ook gepubliceerd in Areopagus Magazine, http://www.izb.nl/nieuwsbrief-online